Op 12 juli om 9 uur vertrokken we uit Hillegom.

3 Ladies waren bereid ons naar Heiloo te rijden om daar de buitenplaats Nijenburg te bezoeken.
We werden hartelijk ontvangen door Paul Mors en Bep, vrijwilligers van de Historische Vereniging van Oud Heiloo.
In de keuken werd de koffie geserveerd, Paul hield de inleiding en Bep, een aardig Moeke, nam het woord al snel over. Door haar geestige verteltrant zat de stemming er snel in.
We hadden het goed getroffen met haar.
Zij vertelde ons dat de buitenplaats sinds het midden van de 16e eeuw eigendom was van de familie van Egmond van de Nijenburg en later van de familie van Foreest. In 2004 werden het hoofdhuis, het huiserf en het koetshuis overgedragen aan de Vereniging Hendrick de Keyser.

Na de koffie werden we rondgeleid door Bep op de bel-etage en bovenste verdieping. Zo kwamen we in de Blauwe Kamer in de Lodewijk de XIV stijl.
Een geschiedenis van meer van 300 jaar met zijn bewoners werd ons moeiteloos verteld.
Onder andere over de onderduikers in de 2e Wereldoorlog. Het kwam zelfs tot een huwelijk. De families kwamen tot leven via schilderijen en de kunstvoorwerpen.
Bijzonder is ook het poppenhuis uit ca 1675. Begin 18e eeuw kwam dit door overerving in bezit van Maria van Egmond van de Nijenburg. Zij voegde poppen toe evenals miniatuur meubelen, zilver en textilia. Uniek is het stoffenwinkeltje waar 18e eeuwse rolletjes stof en zijden op de plankjes liggen.

De lunch was gepland in het restaurant "Het genot van Grootschermer", om 13.00 uur werden we verwacht. Die planning werd gehaald maar helaas arriveerden 4 dames een half uur later. Zij hebben een extra deel van Noord Holland gezien maar de stemming bleef optimaal.
Het gevolg was dat er meer witte wijn doorging dan begroot was bij de fantastische lunch in dit gezellige restaurant.

Wandelend bereikten we de derde verrassing: de Beeldentuin van Nic Jonk en zijn museum. De kunstenaar is overleden in 1994. Zijn levenswerk wordt voortgezet door zijn zoon Zeger en zijn schoondochter Annelies.
Zeger vertelde over zijn vader, hoe moeilijk het was om als kunstenaar te zorgen voor inkomsten voor het gezin. Alle kinderen hielpen dus mee.

Zijn grote wens was ook een museum te hebben voor zijn kunst. Door toeval ontmoette Nic Jonk een Amsterdamse ondernemer. In ruil voor grote beelden werd zijn museum in de oude boerderij gerealiseerd.
We genoten van zijn verhalen. Ook vertelde hij dat van een kunstwerk maximaal 8 stuks in brons kunnen worden gegoten.

Op het terras in de zon, dronken we nog koffie met Westfriese koek en genoten nog eens van de wijdse polder van Grootschermer. Een dag om nog lang over na te praten. Onze dank aan Birdie die prachtige foto’s heeft gemaakt van deze dag.

Mary en Bessie.


Bekijk de foto's